Een van de hoogtepunten van ons verblijf in
Zuid-Amerika was ongetwijfeld de dag toen wij uit het vliegtuig
stapten in Santiago de Chile en daar direct onze goede briefvriend
Friedrich Ritter herkenden, die ons met zijn getrouwe Ford-pickup
kwam afhalen.
Aangezien Ritter noch
mijn vrouw en ik behoefte hadden om door een grote stad als
Santiago te rijden, gingen we buiten de dichte bebouwingen om in
de richting van de woonplaats van onze gastheer. Weldra kwamen we
in het bergachtig terrein van de kustkordilleras, waar we de
eerste opvallende cactussen zagen, een van de vele vormen van
Trichocereus chilensis. In dit gebied heerst reeds vele jaren een
steeds toenemende droogte, waardoor nauwelijks voldoende water uit
de bergen naar beneden komt, om de zeer vruchtbare vallei waarin
Olmué ligt te bevloeien. In deze vallei worden de beste tomaten
gekweekt uit Chili.
Olmué is een gezellig
dorpachtig stadje met een pleintje. De eigenlijke woonplaats van
Ritter ligt iets verder op naar de bergen, n.l. het dorp Granizo,
het eindpunt tevens van de autobusdienst.
Ritter bracht ons naar
een alleraardigst weekendhuisje van een zekere mevrouw Kern, een
kennis van hem, waarin wij tijdelijk mochten wonen. Nog dezelfde
avond bezochten we Ritter in zijn domijn. Het is een alleraardigst
huisje, dat fris temidden van hoge bergen staat. Bij het huis is
een omheinde tuin waarin vrij uitgeplant nog een deel van de door
hem verzamelde cactussen staat. Iets naar beneden is een enorme
diepe put, die het water voor .....
[p 120]

..... Pyrrhocactus garavental foto: Buining
Ritter en zijn in
aanplant zijnde plantage moet leveren. Aangezien het afgelopen
jaar slechts in totaal 9 mm vocht viel, moest deze put opnieuw
aanzienlijk verder uitgediept worden, daar de stand van het water
er dagelijks in terug liep.

Pyrrhocactus curvispinus var. campanense.
foto: Buining ....
[p121]
..... Vanuit zijn studiekamer heeft Ritter
een schitterend uitzicht op de kustgebergten der Andes die tot
2000 m hoog worden aldaar. Een van de merkwaardige dingen is, dat
Ritter zijn cactussen regelmatig moet gieten en tegen de felle zon
moet beschermen door de planten af te dekken met palmbladeren. De
ervaring heeft hem geleerd, dat zelfs planten uit de kale hete
woestijnen in het noorden van Chili, zonder water en zonder
afscherming te gronde gaan, alhoewel zij een duizend kilometer
verder naar het noorden, soms jaren lang zonder vocht en schaduw
leven. Hieruit blijkt wel hoe voorzichtig wij moeten zijn om te
trachten de levensomstandigheden waaronder de planten in hun
vaderland groeien na te bootsen. Opmerkelijk was ook, dat de
verder naar het noorden groeiende sneeuwwitte Copiapoa's, in de
tuin van Ritter veel van deze witte laag verloren. De grootste
vijand van de cactussen is ongetwijfeld een insekt, dat eieren in
de planten legt. De daaruit groeiende rupsen of wormen vreten de
cactussen volkomen leeg of beschadigen ze dermate,

Foto: Afdaling van Cerro de la Campana
op 900 m. met
zicht op Granizo in het dal.
Mijn vrouw met Ritter.
[P122]
..... dat de planten dood gaan. Men treft deze insekten overal in
de cactusgebieden meer of minder aan. Daar komen nog bij ratten,
die vooral in droge tijden op trektocht gaan en dan graag
cactussen als voedsel en vocht eten.In het huis en de tuin van
Mevrouw Kern, die zelf in Valparaiso woonde, was het een waar
paradijs, deels omdat het zo heerlijk eenvoudig was en deels
vanwege het meer dan verrukkelijke zonnige weer. In de tuin vol
met geurige eucalyptusbomen en allerlei vruchtbomen zoemden 's
morgens schitterende kolibries rond heesters met buisvormige
bloemen.
Met Ritter, en eens met
zijn buurman de heer Winterhalder, trokken we de bergen in waar
wij zeldzaamheden als Pyrrhocactus garaventai, P. horriduspinus
var. robustus en P. curvispinus var. campanense
verzamelden.
Kerstmis vierden mijn
vrouw en ik samen in het huisje van Mevrouw Kern in gezelschap van
de door ons uitgenodigde Friedrich Ritter. Het was een merkwaardig
maar wel erg fijn Kerstfeest, zo met kaarsen tussen de geplukte
Eucalyptustakken.
Helaas moest er nog al
wat aan de Ford-pickup van Ritter gesleuteld worden, zodat ons
vertrek moest worden uitgesteld. Een geluk daarbij was, dat we nog
gelegenheid vonden om de steile berg te bestijgen waar Pyrrhocactus engleri groeit. Sedert 12 jaar was Ritter daar
niet geweest. Bij het beklimmen zagen we de overal voorkomende Trichocereus chilensis. Iets hoger begint
Pyrrhocactus
curvispinus voor te komen tot bijna de top van 2000 m. Hier op
de kammen der bergtoppen vonden we Pyrrhocactus engleri met
sterk variërende kleuren der dorens. De zaden bewezen Ritter's
stelling, dat zij zeer sterk afwijken van die der overige
Pyrrhocactussen, zodat men niet te snel maar dergelijke
onvoldoende bekende planten als synoniem bij andere moet voegen,
zoals o.a. Hutchison deed.

Pyrrhocactus engleri foto:
Buining
[123]
Na deze zeer goede oefening in het
bergklimmen konden we eindelijk toch met onze reis naar het
noorden aanvangen. Mevrouw Kern gaf ons nog wat dekens, een
slaapzaak en enkele huishoudelijke artikelen mee, omdat we
dikwijls in de wildernis zouden moeten verblijven. De familie
Winterhalder verwende ons met een grote zak citroenen en eieren
van hun bedrijf en zo uitgerust en vergezeld van vele goede wensen
trokken we in de Fordpickup via Limache naar de kust. Het was voor
ons beslist een sensatie de Stille Oceaan te bereiken, deze
interessante kust waar jaren geleden ook Darwin langs was
getrokken, totaal verschillend van de kust langs de Atlantische
Oceaan.
Tussen dorre dode
onherbergzame rotsen vonden we weldra Pyrrhocactus chilensis en haar variëteit albiflorus.
Onbereikbare rotsen langs de kust en rotspunten vlak voor de kust
in zee waren wit van de uitwerpselen van de duizenden grauwe
rotspelikanen.
 Foto:
Trichocereus chilensis (Wordt
vervolgd) |